De totale lengte van het uitgerolde DNA in een menselijk lichaam is zo enorm dat het ongeveer zeventien keer de afstand van de aarde naar Pluto en terug zou kunnen overbruggen. Wanneer biologen de microscopische schaal van onze genetica berekenen, blijkt dat een gemiddelde menselijke cel ongeveer twee meter aan DNA bevat. Omdat een volwassen lichaam uit biljoenen cellen met een celkern bestaat, vormt het geheel van al die microscopische strengen samen een onafgebroken lijn van ruwweg honderd miljard kilometer lang.
Deze verbazingwekkende schaal wordt nog indrukwekkender wanneer we haar vergelijken met de kosmische afstanden in ons zonnestelsel. De gemiddelde afstand tussen de aarde en Pluto bedraagt miljarden kilometers; een mens draagt dus genoeg genetisch materiaal bij zich om die interplanetaire reis vele malen heen en weer af te leggen. Gespecialiseerde eiwitten, histonen genaamd, slagen erin deze enorme moleculaire streng compact te verpakken in de minuscule celkern, waardoor een astronomische lengte in een microscopisch kleine ruimte wordt samengevouwen.





